paragraaf

Waardering en selectie

paragraaf Progress:

Het is niet realistisch om te veronderstellen dat alle interessante digitale objecten behouden kunnen worden voor de toekomst. De middelen zijn daar simpelweg niet toereikend voor. Digitaal erfgoed komt dan ook niet zomaar in een archief terecht.
Een essentiële stap in collectievorming is de stap die ‘waardering en selectie’ wordt genoemd. Tijdens deze stap wordt digitaal erfgoed op waarde geschat en wordt er gekeken of en zo ja, hoe lang het bewaard zou moeten worden. Pas daarna wordt het ook geselecteerd en opgenomen.

De selectiecriteria die een archief hanteert, bepalen uiteindelijk of de bestanden worden opgenomen. Zodra je die criteria expliciet maakt, ben je bezig met het maken van collectiebeleid. Daar leer je meer over in module B.

Verwerven

Er zijn grofweg twee manieren waarop een archief materiaal kan verwerven:

  • actieve acquisitie en selectie
  • passieve acquisitie en selectie

Bij actieve acquisitie en selectie gaat een archief op zoek naar bestanden die ze op een andere manier niet zomaar aangeboden zou krijgen. Bij passieve acquisitie krijgt het archiefbestanden ‘vanzelf’ aangeleverd. Dat kan ongevraagd zijn (er staat ineens – digitaal of fysiek – een producent op de stoep met digitale dossiers die hij wil schenken) of op basis van gemaakte afspraken of wettelijke verplichtingen.

Casus Beeld en Geluid: een voorbeeld van actieve acquisitie

Hoe leg je de huidige digitale cultuur vast voor generaties na ons? Het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid wil hier een antwoord op vinden.  Sinds 2008 verzamelt Beeld en Geluid webvideo’s, zoals streamend gevonden op het web via kanalen als Youtube en Vimeo. Dit soort video’s wordt niet zomaar aangeboden aan Beeld en Geluid, maar zijn wel karakteristiek voor de beeldcultuur van onze tijd. Erop uit dus, op zoek naar juweeltjes.

Voor internetvideo’s heeft Beeld en Geluid een selectielijst met de volgende criteria:

  • populair
  • sociaal-maatschappelijk relevant
  • voorbeeld van digitale cultuur
  • kwaliteit en creativiteit

Het gaat daarbij primair om nationaal audiovisueel erfgoed. Dat betekent het geheel van audiovisuele werken dat is geproduceerd door Nederlanders in Nederland of in het buitenland of opgenomen of gemaakt in Nederland (collectiebeleid Beeld en Geluid, (pdf, p 21)).

Eén van de geselecteerde video’s is bijvoorbeeld een video van Youtuber Ponkers die een veelbekeken parodie maakte op het filmpje ‘Pen Pineapple Apple Pen‘.

Met de tentoonstelling ‘Let’s Youtube‘ heeft Beeld een Geluid een nieuwe impuls gegeven aan selectie van webvideo’s. Tijdens het ‘Living Lab’ – een ‘YouTube feestje’ – kon het publiek ook filmpjes aanreiken voor selectie voor opname bij Beeld en Geluid. Het ideaalbeeld voor de toekomst is dat populaire filmpjes via een aggregator automatisch binnen worden gehaald zodat het selectieteam van Beeld en Geluid zich kan richten op de ‘blinde vlekken’ in de collectie.

Het jargon

Selectie


Volgens de richtlijnen van UNESCO voor de selectie van digitaal erfgoed (pdf) voor langetermijnconservering is er sprake van selectie wanneer erfgoedprofessionals – archivarissen, bibliothecarissen en conservatoren – materiaal identificeren om toe te voegen aan hun collectie op basis van specifieke criteria. Deze criteria kunnen zeer uiteenlopen afhankelijk van het type instelling, haar collectiemandaat, de beschikbare middelen en het type en de omvang van de materialen die in aanmerking komen voor verwerving. De selectiecriteria worden over het algemeen vastgelegd of gedefinieerd in een collectie- of acquisitiebeleid en kunnen gebaseerd zijn op de volgende aspecten:

  • Onderwerp/thema: een instelling richt zich op en streeft ernaar om één of meer onderwerpsgebieden te documenteren. Bijvoorbeeld: alle websites gewijd aan een bepaalde schilder of plaats, of een web crawl om een speciale gebeurtenis te documenteren zoals een politieke verkiezing of een kunstfestival.
  • Vervaardiger/herkomst: Een instelling richt zich op specifieke vervaardigers of op herkomst van erfgoed. Een archief bijvoorbeeld kan de digitale archieven van auteurs uit een bepaald geografisch gebied verzamelen en een museum kan werken van de kunstenaars uit een bepaalde kunststroming verzamelen.
  • Type/formaat. Een instelling kan verzamelen op basis van het type of het format van de content (bijvoorbeeld: digitale fotografie, muziekopnamen, film, videogames en dergelijke).
Meer weten?

Zie de pagina over collectiebeleid- en mandaat in module B.